Regisseur Paula van der Oest over de verfilming van Tonio

De roman Tonio van A.F.Th. van der Heijden is een zeer persoonlijk verslag van het rouwproces waar hij en zijn vrouw in belandden na de plotselinge dood van hun zoon. Paula van der Oest twijfelde even, maar waagde zich toch aan een filmbewerking van de moderne klassieker. “De intensiteit en concentratie op de set verbroederde enorm.”

Je noemt deze film het moeilijkste project dat je ooit hebt gemaakt. Waarom?

“Bij elke film stel ik mezelf de vraag: waarom wil ik dit doen? Het boek is op zichzelf een ijzersterke expressie van iets waar ieder mens met kinderen bang voor is. Wat kon ik daar als filmmaker aan toevoegen? Tonio is een beladen boek: veel mensen durven het niet te lezen uit angst voor de confrontatie met zulke heftige emoties. Maar het vormde tegelijkertijd ook een uitdaging: het boek raakte mij enorm, net zoals het heel veel mensen geraakt heeft. Ik heb zelf een zoon van die leeftijd. Je hebt geen idee wat hij allemaal doet; er zijn tijden geweest dat ik niet meer kon slapen als ik een sirene hoorde.”

Hoe heb je het boek benaderd?

“Ik wilde het verhaal vooral zuiver benaderen. Het moest geen tearjerker worden: het was een verhaal over een schrijver die met zijn woorden probeert vat te krijgen op zijn onbeschrijfelijke verdriet. Hij schrijft zijn hele leven al over alles dat hij meemaakt. Maar je schrijft als getuigenis voor wie er na je komt: wat gebeurt er met iemand als dat opeens wegvalt? Tijdens het repetitieproces met hoofdrolspelers Pierre Bokma en Rifka Lozeiden, die het echtpaar spelen, hebben we heel erg gezocht hoe ver we het kraantje tijdens de moeilijke scenes open wilden en moesten zetten. We hebben vooral heel veel gepraat: dat soort rouwscenes kan je niet uitentreuren repeteren, dat moet zich op de set gewoon vormen.”

Het klinkt als een loodzware draaiperiode.

“Het was een bijzondere draaiperiode, ja. Je kunt tijdens het opnemen van zo’n film niet tijdens de lunch uit dat gevoel kruipen. Je blijft de hele tijd in die afgrond hangen. Op de set was geen plek voor geouwehoer en ruis, iets dat mijn vaste crew gelukkig heel goed begreep. Iedereen was doorlopend geconcentreerd; die intensiteit verbroederde heel erg, meer nog dan normaal het geval is tijdens het draaien van een film. Er waren twee momenten waarop er ruimte was voor ontlading: halverwege zijn we een avond enorm gaan stappen op het Leidseplein. En de laatste draaiweek was in Frankrijk, waar we flashbackscenes over het beginstadium van de liefde van Adri en Mirjam draaiden. Dat voelde opeens als een schoolreisje na die weken van opperste concentratie.”

Hoe blijf je fit tijdens zo’n zware draaiperiode?

“Ik heb gelukkig vrij veel energie van mijzelf. En ik mag mezelf heel erg gelukkig prijzen dat ik werk doe waar ik zielsgelukkig van word. Dat is een bevoorrechte positie, daar ben ik mij heel bewust van. Verder ren ik af en toe, doe ik veel aan pilates en probeer niet te veel te drinken. Daar heb je, zeker tijdens zo’n emotionele draaiperiode, ook geen puf voor trouwens: dan val je na één wijntje al om.”

Wat hoop je dat de verfilming met het publiek doet?

“Ik hoop dat de film misschien enige troost kan bieden aan iedereen die verdriet kent. Of misschien is troost te hoog gegrepen. Maar ik hoop een zeker gevoel van verbondenheid op te roepen. Net zoals zo enorm veel mensen zich ook herkenden in de roman en de beschrijving van het rouwproces zoals Van der Heijden dat heeft zo sterk heeft verwoord. Het slot van de film verschilt van het boek, maar wekt wel hetzelfde enigszins hoopvolle gevoel op. Tonio was het leven. En hij is wel uit het leven weggegrist, maar hij heeft wel bestaan. Die herinnering blijft en zal nooit verdwijnen, net zo min als de liefde van zijn ouders voor hem. Dat is het belangrijkste gevoel dat hopelijk na het kijken blijft hangen.”

Tonio draait vanaf 13 oktober in de Nederlandse bioscopen.

 

Reactie achterlaten

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Alle velden zijn verplicht.