Achtergrond
2
Leestijd
5 min.

Bestanddelen en bijwerkingen: zo werkt een vaccin

Prikken of peinzen: de meeste mensen staan trappelend in de rij voor een coronavaccinatie, maar een deel heeft twijfels over mogelijke ernstige bijwerkingen. Wat zit er precies in een (corona)vaccin en hoe werkt het in je lichaam? We zetten de feiten op een rij.

Samengevat is een vaccinatie een kleine hoeveelheid geïnactiveerde bacterie- of virusdeeltjes die in je lichaam wordt gespoten. Je lichaam maakt ter bescherming vervolgens antistoffen aan. Deze antistoffen ruimen de stukjes bacterie en virus als het ware op. Wanneer échte ziektekiemen je in de toekomst willen aanvallen, staan deze antistoffen opnieuw paraat om je lichaam te beschermen. Maar welke stoffen zitten er nog meer in een prik? Als we heel diep zouden inzoomen, kunnen we drie bestanddelen van elkaar onderscheiden: werkzame delen, hulpstoffen en reststoffen. 

Werkzame delen

Deze kunnen bestaan uit 1) delen van bacteriën of virussen, 2) gif van een bacterie en 3) levende, verzwakte virussen.

  1. Delen van bacteriën of virussen worden gekweekt en in delen gesplitst. De deeltjes die een goede afweerreactie veroorzaken, worden gescheiden van de minder werkzame delen. Alleen ‘goede’ bestanddelen belanden uiteindelijk in een vaccin en zorgen dat je afweersysteem werkt. Voorbeelden zijn het HPV- en hepatitis B-vaccin.
  2. Bij de productie van vaccins worden soms bacteriën gekweekt die gif aanmaken. Het gif wordt door een chemisch proces onschadelijk gemaakt, zodat je er niet ziek van wordt. Wel zorgt het onschadelijk gemaakte gif voor een goede afweerreactie van je lichaam. Voorbeelden zijn vaccinaties tegen tetanus en difterie.
  3. Een speciale kweektechniek kan verzwakte virussen in levende cellen ontwikkelen. Nadat deze verzwakte virussen worden verwijderd, blijven ze in leven, maar zijn ze niet ziekteverwekkend. Dat levert een goede afweerreactie van ons lichaam op. Vaccinaties tegen de bof, mazelen en rodehond zijn daar een voorbeeld van.

Hulpstoffen

Een vaccin kan de klus niet enkel met werkzame delen klaren. Voor een optimale werking worden kleine doseringen van hulpstoffen ingezet: 1) vulmiddelen, 2) middelen die het afweersysteem stimuleren en 3) conserveringsmiddelen.

  1. Zout, gelatine en sucrose (suiker) zijn voorbeelden van vulmiddelen. Deze stoffen worden toegevoegd om de houdbaarheid van een vaccin te verbeteren en de toediening te vergemakkelijken.
  2. Aluminiumzout is een veelgebruikte stof die wordt ingezet om het afweersysteem te stimuleren. De stof zorgt dat de werkzame delen van hierboven bij de juiste afweercellen terechtkomen. Deze hulpstoffen zijn niet schadelijk, maar kunnen wel bijwerkingen opleveren, zoals roodheid en pijn rond de prikplek.
  3. Conserveringsmiddelen hebben als doel om bederf in de vorm van gist of schimmel te voorkomen. Deze middelen zitten in lage doseringen in vaccins.

Reststoffen

Deze stoffen worden ingezet om virussen en bacteriën te kunnen kweken. Wanneer de werkzame delen aan een vaccin worden toegevoegd, worden de stoffen zoveel mogelijk verwijderd voordat het in een spuit of flacon wordt gedaan. Kleine restjes kunnen achteraf achterblijven: de reststoffen. Voorbeelden van reststoffen zijn antibiotica, die tijdens het productieproces worden toegevoegd om de groei van ongewenste bacteriën te voorkomen.

Bijwerkingen

En dan: de bijwerkingen. Die krijg je er helaas gratis bij. Maar wees gerust: het overgrote deel van de bijwerkingen die bij vaccinaties hoort, is niet schadelijk en gaat meestal binnen een paar dagen vanzelf over. Denk aan lichte pijn, lichte koorts, een zwelling of rode vlekken op de plek waar de vaccinatie is gezet. Waar ze vandaan komen? Bijwerkingen kun je zien als een fysieke afweerreactie, waarbij je lichaam deeltjes van virussen of bacteriën weg probeert te werken. Ernstige bijwerkingen komen gelukkig zelden voor. Vaak is er dan sprake van een allergische reactie.

Reacties (2)

Waarom wordt er niets over het Janssen vaccin geschreven in dit stuk. Ik vraag me ook af wat het doet met de eiwitten als je Kahler hebt gehad. Kunt u daar meer over zeggen

Bedankt voor dit goede artikel, duidelijke uitleg.

Zelf reageren



Benieuwd naar meer geheimen van een gezond leven?