Interview
Leestijd
5 min.

Hockeybitjes: wel of niet?

Menig hockeyer herinnert het zich nog: Seve van Ass verloor tien tanden door de stick van Valentin Verga tijdens een wedstrijd tussen Rotterdam en Amsterdam. Kort daarna werd het dragen van een bitje verplicht. Toch blijven de meningen over het wel of niet dragen van een bitje verdeeld. Deze drie (ex)hockeyers delen hun ervaring.

Elle (33) ‘Je ziet er niks meer van, behalve in blacklight’

Back in the days, toen ik achttien was, waren hockeybitjes nog niet verplicht. Helaas, want dan waren me heel wat tandartsbezoeken bespaard gebleven. Tijdens een gemixt toernooi, met mannen en vrouwen, ging ik vol op de bal af. Mijn mannelijke tegenstander had precies hetzelfde idee en voor ik het wist lag mijn voortand eruit. Het ging zo snel, dat ik het in eerste instantie niet eens doorhad. Ik weet ook niet wat er precies gebeurde. We hebben nog gezocht naar de stukjes tand, maar die waren niet meer te vinden. Ik ben meteen naar de tandarts gegaan en daar kreeg ik een noodkroon waarmee ik de toernooidag nog kon afmaken. Een week later kreeg ik mijn nieuwe kroon. Dit ongelukje zorgde er wel voor dat ik nooit meer onbevreesd op het hockeyveld stond. Dubbel pech dus! Na enige tijd werd de bovenkant van de kroon een beetje blauw doordat de tandwortel was afgestorven. En dus kreeg ik een implantaat. Nu zie je er bijna niks meer van. Behalve in blacklight; daar kwam ik achter toen ik in een café breeduit lachte en mijn vriend zijn bier bijna uitproestte omdat ik één blauwe voortand had.’

Fedde (28) – ‘Ik vind een bitje verschrikkelijk’

Het is al twintig jaar geleden en toch weet Fedde nog als de dag van gisteren hoe zijn twee voortanden tijdens een hockeywedstrijd werden afgebroken. ‘Er werd een stopfout gemaakt, waardoor de bal door de lucht vloog, recht op mijn mond af. Ik had het niet direct door, maar na twee seconden voelde ik met mijn tong een gapend gat. Mijn twee voortanden waren voor de helft afgebroken. Mijn moeder werd gebeld en zij bracht me naar de spoedtandarts. Daar werden mijn tanden gerepareerd. Je ziet wel dat er een nep stukje aan geplakt is, maar dat maakt me niks uit,’ vertelt hij. Fedde draagt ondanks het voorval nog steeds geen bitje. Fedde: ‘Ik vind een bitje verschrikkelijk; ik kan er niet normaal mee ademen en het voelt niet prettig. Misschien is het een mannending, maar bijna niemand in mijn team draagt er een,’ vertelt hij.  Een bitje dragen is tegenwoordig officieel verplicht, maar er is geen haar op zijn hoofd die daaraan denkt. Fedde: ‘Ik vind het nog steeds ieders eigen verantwoordelijkheid om wel of niet een hockeybitje te dragen. Ik heb inmiddels vaker met afgebroken tanden rondgelopen en maak me er gewoon niet druk om. Het is het risico van de sport en ik ervaar de consequenties.’

Sanne (21) – ‘Ik ben niet bang voor de bal, maar wel voor de tandarts’

Het gebeurde tijdens een training op vrijdagavond; een hoge bal vloog recht op haar mond af en Sanne’s voortanden braken in stukjes. Sanne: ‘Het leek wel zand, zo klein waren de stukjes. Ik had een boil and bite bitje in, maar dat mocht niet baten. Toch ben ik blij dat ik ‘m in had, want zonder was de schade nog erger geweest.’ Sanne moest naar de huisarts, want niet alleen haar tanden waren beschadigd. Sanne vertelt: ‘Ook mijn lip was gescheurd. De volgende dag gingen we naar de spoedtandarts. Deze besloot dat mijn gewone tandarts de schade op maandag wel kon repareren en dus speelde ik die dag een wedstrijd met halve voortanden. Uiteraard wel weer mét bitje.’ Toch heeft Sanne na het incident ook nog zonder bitje gespeeld. ‘Na een tijdje was de angst verdwenen en speelde ik ook zonder bitje, omdat het lekkerder is. Als trainer zei ik altijd wel tegen de junioren dat zij alleen met bitje mochten meetrainen. Je moet toch het goede voorbeeld geven.’ Bang voor de bal is Sanne niet meer, maar wel voor de tandarts. Sanne: ‘Het vijlen … de vele luchtslangetjes, ik vond het echt vreselijk. Erger dan de klap.’

Zelf reageren



Benieuwd naar meer geheimen van een gezond leven?